Heb je daar ooit over nagedacht?
 
We zetten koers naar het zuiden. De wind lijkt ongeveer twee dagen gunstig te worden, dus we richten onze pijlen maar direct op Cherbourg. Een lange klap van ongeveer twee etmalen, maar met goede wind kan alles. We hebben al twee keer gezeild met Melquiades, dus wat kan ons gebeuren, ja toch? Het begint voortvarend. We lopen goed 6 knopen over de grond.
 
Ter hoogte van Rotterdam keert letterlijk en figuurlijk het tij. De wind draait naar het zuidwesten, pal tegen, en neemt sterk af in kracht. Melquiades’ 27 tonnen staal en wooncomfort hebben het er moeilijk mee. We komen mondjesmaat vooruit. Als onze snelheid en koers onacceptabel beginnen te worden starten we de motor, een Volvo Penta MD67 uit 1962. Beresterk, oerdegelijk en... lang niet op de proef gesteld.
 
Om 3.30 schrik ik wakker. Het kloppende hart van de Melquiades hapert, sputtert, hort, stoot, slaat, borrelt en geeft er de brui aan. Ik begin onmiddellijk te zweten. Zonder de motor zijn we nergens. We drijven midden op de Noordzee, op de grens van Nederland en Belgie. Bemanningslid, timmerman en technische alleskunner Tjebbo en ik nemen een duik in het motorruim. De diagnose is snel gesteld: er komt geen diesel naar de motor. Tot 10.00 rommelen we aan alle leidingen tussen tank en opvoerpomp in de hoop lucht en vuil uit de aderen van Melquiades te verwijderen. Ondertussen drijven we zonder wind en met stroom een ondiepte op voor de Belgische kust.
 
We moeten het anker uitgooien om onze opmars naar de zandbank te stoppen. Tijdens deze operatie ontdekken we dat het neerlaten van het anker eenrichtingsverkeer is geweest. De ankerlier is stuk en de schakels van de ankerketting zijn te klein voor de poelie van de ankerlier, waardoor ook handmatig ophalen schier onmogelijk is.
 
Om 10.30 besluiten we de kustwacht te bellen. De dappere mannen van de reddingsdienst van Blankenberge snellen ons te hulp. Aan de ankerketting worden we naar de betonnen badplaats gesleept. We worden als een ware attractie in een demonstratie van nautisch vernuft binnengesleept.
 
De reddingsbrigade van Blankenberge blijkt een raad van wijze scheepsmannen te zijn. Onderweg en in de haven worden we voorzien van allerlei goede adviezen: een dagtank voor de diesel, een vinger voor het anker, een ‘grabbag’ voor als we een zinkend schip moeten verlaten, een plank om de ramen mee dicht te timmeren als er een stuk staal in een golf zit dat een raam eruit ramt... ooit over nagedacht? Euh, tja.  
 
 
zaterdag 26 juli 2008