Dé straat
 
We zijn als de kurk van een goed geschudde fles Cava de Atlantische oceaan afgeschoten.  Met maxima van meer dan 7 knopen (echt heel snel voor een huis) hebben we de straat van Gibraltar afgelegd. Vanaf nu zeilen we op bekend terrein: de Middellandse zee, en dat geeft rust, al weet ik dat ze wispelturig kan zijn.
 
Dé straat. Hoe ging het? Om 2 uur ‘s nachts wilden we vertrekken. De weersvoorspelling was geweldig. Toch voelde het niet goed. Ik kon de slaap niet vatten en las wat bladzijden in de Ban van de Ring. Een zware opgave, spookbossen, grafheuvels, zwarte ruiters, onheilspellend. Identificatie (ik ben ook maar een klein mannetje).
 
Om 1.45 u. sliep ik nog niet, heb ik Iris gewekt en hebben we afgeduwd. Het heeft geen zin om voor je taak te vluchten. Na een uur varen zagen we voor ons een heftig onweer. “Zie je wel” dacht ik, “er staat iets te gebeuren”. Het was verder windstil en met de eerder genoemde wijsheid van opa Jaap (dat bliksem nooit inslaat op zee) in gedachten motorden we onverschrokken door. Het onweer ‘liep voor ons uit’ en werd nooit meer dan een indrukwekkende lichtshow. Opluchting.
 
Mensen die ons langs hebben zien komen moeten gedacht hebben dat we een speedboot waren. Windje 4 bft. in de rug, stroom mee, motor bij, ons huis ging los. Maar dat gevoel, ik neem dat altijd erg serieus ook al is het op geen feit gebaseerd. 5 mijl voor de haven hebben we wat zeil gestreken uit een onbestemde voorzorg. Binnen 20 minuten, bam, was het windkracht 7. Melquiades is sterk, de zeilen waren gestreken en Gibraltar was op een steenworp, dus het kon ons niet meer deren. Nog meer opluchting.
 
We liggen nu vastgeknoopt aan de noordzuil van Hercules, de apenrots, Gibraltar. Morgen duwen we af voor een lange etappe richting Cartagena, die stad klinkt in elk geval mooi. Als het weer zo baanbrekend voorspoedig blijft, zijn we over ongeveer 7-10 dagen in Barcelona... om gek van te worden.  
vrijdag 5 september 2008